Tag archieven: Ethiopië

The Shekkacho People

A Portrait of Life in Southwest Ethiopia

Nestled in the forested highlands of Southwest Ethiopia, the Shekkacho people — who call their own language Shekki noono, meaning “Shekka language” — have long maintained a distinctive way of life shaped by agriculture, community, and a rich spiritual tradition. With around 55,000 mother-tongue speakers (1998 census), they inhabit a region centered on the towns of Maasha and Geecha, though they are sometimes still known by the older, derogatory name “Mocha.”

Land and Livelihood
The Shekkacho are primarily farmers, and their identity is deeply tied to the land. The enset plant — sometimes called the “false banana tree” — forms the backbone of their diet, processed by women into qocho, a staple bread most often eaten with green cabbage three times a day. Honey production and beekeeping are also central to the local economy, alongside the cultivation of maize, barley, and coffee. Wealth is measured not merely in money but in cattle, enset, horses, and crops — and notably, a man without children is not considered truly rich, however prosperous otherwise.

Community labor is embedded in the culture through a practice called dafo, in which neighbors work one another’s fields without payment — a form of mutual aid that binds the community together outside any formal economic structure.

Social Structure and Class
Shekkacho society is organized around a large clan system, with over fifty clans, each well known to its members. Alongside this, however, exists a rigid hierarchy of despised social classes: the Maanjo (charcoal makers and hunters), the Maanno (potters and tanners), the K’edzo (blacksmiths, who marry only within their group), and the Ch’ap’aro (honey producers). These groups historically did not intermarry with the broader population, and stigma around them persists — for instance, eating the gureza monkey, a Maanjo practice, was so socially marked that non-Maanjo people who did so for medicinal purposes ate it in secret.

Ceremony, Religion, and the Spirit World
Traditional Shekkacho religion revolves significantly around the k’alicha — a spiritual medium or diviner believed capable of predicting the future, healing illness, and communicating with the spirit world. The k’alicha occupies a prominent social position: their funerals can draw thousands of people, preparations sometimes lasting months, and their pipe is considered a defining symbol of their role. After a k’alicha’s death, the family waits forty days to see if his spirit returns — a moment marked by dancing, speaking in tongues, and prophecy.

Christian influence, both through the Ethiopian Evangelical Church Mekane Yesus (EECMY) and the Ethiopian Orthodox Church, is now significant, particularly in urban Maasha. Christians abstain from alcohol and bride price, marry by mutual consent alone, and are expected to abandon certain traditional taboos — including the eating of gureza. Yet traditional clan structures and k’alicha authority continue to function alongside, rather than having been replaced by, these newer institutions.

Daily Life
The rhythm of Shekkacho life follows the land closely. Farmers rise at six in the morning, work the fields until midday, and spend afternoons on household tasks. Women carry a heavy domestic load — four to five hours a day preparing food alone — while men are responsible for gathering firewood and tending cattle. Weddings and funerals are major social occasions; at these events, men take over the preparation of meat while women make qocho.

Disputes within families or communities are handled through mediation, a practice with a formal hierarchy moving from a respected individual mediator up through the kebele council to the courts in Maasha. Reconciliation is often sealed by the shared slaughter and eating of a sheep — a meal that restores relationship across broken community bonds.


Generated by Claude AI · Based on field research and anthropological notes by Jacob Haasnoot (1997–2000). Not for publication.

 

Filippenzenbrief in Shekkacho-taal

filippenzen-shekkachoAfgelopen week viel er een envelop uit Ethiopië op onze deurmat.
Het was de gedrukte versie van de brief aan de Filippenzen in de Shekkacho-taal.
Voor ons was het een geweldig moment om dit kleine boekje in handen te hebben! We hebben dit vertaalproject helpen opstarten en nu zien we de eerste tastbare vruchten van het Shekkacho-vertaalteam met eigen ogen.
We zijn er heel dankbaar voor. Yeeri gallatijabe! (God zij geprezen).

African Ark

African Ark

Gisteren werd het boek dat we al heel lang wilden hebben bezorgd: African Ark. Er staan schitterende foto’s in van volken in de hoorn van Afrika. Als we de plaatjes van de Ethiopisch-Orthodoxe feesten zien, dan krijgen we wel een beetje heimwee naar het land waar we 9 jaar hebben gewoond. Je vindt in dit werk ook foto’s van Surma’s in Ethiopië die aan body-painten doen.

body_painting_africa_surma

Dat ziet er prachtig uit en op basis daarvan roepen bepaalde antropologen: laat deze cultuur intact en houd zendelingen op afstand. Met dat body-painten is inderdaad niks mis, maar als je je wat meer in de Surma-cultuur verdiept, dan is er veel angst, geweld, voedseltekort en alcoholmisbruik. Natuurlijk zit daar ook veel Westerse invloed achter, maar die draai je niet meer terug. De impact van het christelijke geloof op de Surma’s is juist dat bepaalde elementen van de cultuur (via alfabetisering in de eigen taal en bijbelvertaalwerk) bewaard worden en dat een boodschap aangeboden wordt die stabiliteit en rust brengt in een zeer turbulente samenleving. Welk alternatief heeft de cultureel antropoloog in de aanbieding?

Licht in de duisternis

De Ethiopiër die nu in de VS woont (en professor aan een theologische school is), vertelde me dat hij pas na 18 jaar voor het eerst terug is geweest naar zijn moederland. Onder het communistische bewind was hij vervolgd vanwege zijn geloof. Hij ging samen met zijn 2 kinderen terug naar de gevangenis waar hij mishandeld was geweest en de dood in de ogen had gezien. Toen hij de directeur van de gevangenis om toestemming vroeg de gevangenis als gast te bezoeken, zei die: dat kan, maar dan onder de voorwaarde dat je hier ook een dienst leidt. “Ik heb nog nooit zo sterk de kracht van de opstanding ervaren als toen: ik mocht nu de vergeving en vrijheid van Jezus doorgeven op die duistere plek waar ik zelf enorm bang ben geweest”, aldus deze broeder.

Nightlife
Ondanks de vele lichten hier in de nacht in Pattaya is er veel wat het daglicht niet kan verdragen. Het schijnt dat 7 van de 10 mannen die naar Thailand komen uit zijn op seks. In één van de presentaties kwam naar voren dat het er niet alleen om gaat ‘sex slaves’ uit de duisternis in het licht te trekken, maar dat deze vrouwen daarna ook een toekomst nodig hebben. Een aantal christenen hebben een bedrijfje (met de naam ‘Nightlife’) opgezet, zodat deze vrouwen op een betere manier geld kunnen verdienen.

Geestelijk welzijn
Terug naar zondagavond. Adri was bij een presentatie van de taskforce ‘dialoog tussen zendingsleiders van Noord en Zuid’. Daarna was er een panelgesprek over ‘spirituality & missions’. Dat klinkt nogal vaag, maar volgens Adri ging het vooral over het ‘geestelijk welzijn’ van zendingswerkers en -leiders. Hoe houden we dat welzijn fris? Het gaat allereerst om ’to be’, dan pas om ’to do’. Een variatie op IQ: wat is je ‘pneuma-quotient’? Ik zat op dat moment met de groep van membercare een paar honderd meter verderop op het strand. Wij wilden elkaar even op een andere manier ontmoeten dan in een vergaderzaal!

Maandagmorgen begon de plenaire sessie met worship en vervolgens hadden we twee bijdragen over spirituality. Allereerst de Indiase directeur van Interserve en vervolgens de directeur van Wycliffe International. Allebei brachten ze inspirerende punten naar voren. Zending gaat niet automatisch samen met een gezond christelijke leven, dat is iets wat blijvend om onderhoud vraagt. Daarna gingen we weer uiteen in onze groepen.

I have been helped
In de membercare-groep inventariseerden we de middelen (boeken, websites, centra) die voorhanden zijn. We zongen Marjory Foyle ‘happy birthday’ toe op haar 87ste verjaardag! Ze zei: “I can help others, because I myself have been helped”. In de slotbijeenkomst aan het eind van de middag werd licht evaluerend nagedacht over de consultatie. Er klonken veel positieve geluiden en tegelijk werden er concrete punten aangedragen voor verbetering. We kregen de onvermijdelijke bedankjes en deden ook nog gezamenlijk een rondedans op een Siberische melodie met een Engelse tekst (speciaal gemaakt voor de conferentie).

Terugblik
Mijn allereerste terugblik op de bijeenkomsten is deze: goede ontmoetingen, bevlogen mensen, boeiende verhalen, inspirerende doorkijkjes en indrukwekkend om te zien wat God wereldwijd doet. Tegelijk vind ik dat de mission commission moet nadenken over een structuur met heldere representatie (nu gevaar van old boys network) en had het geheel nog beter kunnen zijn (bv. meer focus in thema’s, minder vol programma, meer diversiteit en meer talen en culturen op het podium). Vanavond en morgenochtend hebben we hier nog bijeenkomsten van de Europese EZA’s en woensdagmorgen heel vroeg vliegen we terug. Tot slot een citaat van een broeder uit Pakistan over het gebruik van boeken die in het Westen zijn geschreven: “Please give us the copyright, that means in our part of the world: the right to copy”!